Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2025:610 ECLI:NL:HR:2025:610 AI generated

ECLI:NL:HR:2025:610 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2025:610
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/00675 E Datum 22 april 2025 ROLBESLISSING naar aanleiding van het beroep in cassatie tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam, economische kamer, van 12 december 2022, nummer 81-052745-22, in de strafzaak tegen [verdachte] B.V., gevestigd in [vestigingsplaats] , hierna: de verdachte.

Legislator headnote

AI generated

Artikel 427 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering, artikel 427 lid 4 Sv; ECLI:NL:HR:2025:610 · Hoge Raad: HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/00675 E Datum 22 april 2025 ROLBESLISSING naar aanleiding van het beroep in cassatie tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam, economische kamer, van 12 december 2022, nummer 81-052745-22, in de strafzaak tegen [verdachte] B.V., gevestigd in [vestigingsplaats] , hierna: de verdachte.

Keywords

AI generated
Artikel 427 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering artikel 427 lid 4 Sv

Cited Legislation

AI generated
Artikel 427 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering
artikel 427 lid 4 Sv

Cited Case Law

AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/00675 E Datum 22 april 2025 ROLBESLISSING naar aanleiding van het beroep in cassatie tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam, economische kamer, van 12 december 2022, nummer 81-052745-22, in de strafzaak tegen [verdachte] B.V., gevestigd in [vestigingsplaats] , hierna: de verdachte.

1Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten Th.O.M. Dieben en O.S. Pluimer bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. Daarbij is verzocht om de behandeling van het cassatieberoep te schorsen tot het gerechtshof Amsterdam einduitspraak heeft gedaan op het door de officier van justitie ingestelde hoger beroep. De advocaat-generaal B.F. Keulen heeft in een rolconclusie geconcludeerd tot schorsing van de behandeling van het beroep in cassatie. 2Beoordeling van het verzoek 2.1 De rechtbank heeft bij vonnis van 12 december 2022 onder meer de verdachte vrijgesproken van de tenlastegelegde feiten en 65.780 kilogram teakhout onttrokken aan het verkeer verklaard.

De officier van justitie heeft op 22 december 2022 hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank. Op 23 december 2022 heeft de verdachte cassatieberoep doen instellen – en ook kunnen doen instellen (vgl. HR 14 december 2010, ECLI:NL:HR:2010:BM9420) – tegen dit vonnis ten aanzien van de onttrekking aan het verkeer van het inbeslaggenomen teakhout. 2.2 Artikel 427 lid 4 van het Wetboek van Strafvordering (hierna: Sv) luidt: “Hoger beroep schorst de rechtsgevolgen van beroep in cassatie; indien in de lagere aanleg een uitspraak wordt gegeven over een of meer van de vragen, bedoeld in de artikelen 351 en 352 vervalt het ingestelde beroep in cassatie.” 2.3 Nu tegen het vonnis van de rechtbank zowel hoger beroep als cassatieberoep is ingesteld, schorst het hoger beroep op grond van artikel 427 lid 4 Sv de rechtsgevolgen van het cassatieberoep. 3Beslissing De rolraadsheer schorst de behandeling van het cassatieberoep.

Deze beslissing is gegeven door de raadsheer C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier H.J.S. Kea, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 22 april 2025.