Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2025:512 ECLI:NL:HR:2025:512 AI generated

ECLI:NL:HR:2025:512 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2025:512
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 24/00597 Datum 4 april 2025 ARREST In de zaak van 1. [eiseres 1], wonende te [woonplaats], 2. [eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [eiser 3], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, hierna: [eisers], advocaat: D.M. de Knijff, tegen COÖPERATIEVE RABOBANK U.A., gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER in cassatie, hierna: Rabobank, advocaat: T.E. Booms. 1Procesverloop Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar: a. het vonnis in de zaak C/16/515891 / HA ZA 21-43 van de rechtbank Midden-Nederland van 20 oktober 2021; b. de arresten in de zaak 200.306.878 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 oktober 2022 en 21 november 2023. [eisers] hebben tegen het arrest van 21 november 2023 van het hof beroep in cassatie ingesteld. Rabobank heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2025:512 · Hoge Raad: [eiseres 1], wonende te [woonplaats], 2. [eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [eiser 3], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, hierna: [eisers], advocaat: D.M. de Knijff, tegen COÖPERATIEVE RABOBANK U.A., gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER in cassatie, hierna: Rabobank, advocaat: T.E. Booms. 1Procesverloop Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar: a. het vonnis in de zaak C/16/515891 / HA ZA 21-43 van de rechtbank Midden-Nederland van 20 oktober 2021; b. de arresten in de zaak 200.306.878 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 oktober 2022 en 21 november 2023. [eisers] hebben tegen het arrest van 21 november 2023 van het hof beroep in cassatie ingesteld. Rabobank heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 24/00597 Datum 4 april 2025 ARREST In de zaak van 1. [eiseres 1], wonende te [woonplaats], 2. [eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [eiser 3], wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, hierna: [eisers], advocaat: D.M. de Knijff, tegen COÖPERATIEVE RABOBANK U.A., gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER in cassatie, hierna: Rabobank, advocaat: T.E. Booms. 1Procesverloop Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar: a. het vonnis in de zaak C/16/515891 / HA ZA 21-43 van de rechtbank Midden-Nederland van 20 oktober 2021; b. de arresten in de zaak 200.306.878 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 18 oktober 2022 en 21 november 2023. [eisers] hebben tegen het arrest van 21 november 2023 van het hof beroep in cassatie ingesteld. Rabobank heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3Beslissing De Hoge Raad: - verwerpt het beroep; - veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Rabobank begroot op € 873,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan. Dit arrest is gewezen door de president G. de Groot als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 4 april 2025.