Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2025:510 ECLI:NL:HR:2025:510 AI generated

ECLI:NL:HR:2025:510 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2025:510
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 24/02044 Datum 4 april 2025 ARREST In de zaak van 1. TER INGREDIENTS GMBH & CO. KG, gevestigd te Hamburg, Duitsland, 2. TER INGREDIENTS VERWALTUNGS GMBH, gevestigd te Hamburg, Duitsland, EISERESSEN tot cassatie, hierna gezamenlijk: TER c.s., advocaat: F.J. Fernhout, tegen REMIA C.V., gevestigd te Den Dolder, gemeente Zeist, VERWEERSTER in cassatie, hierna: Remia, advocaat: N.E. Groeneveld-Tijssens. 1Procesverloop Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar: a. de vonnissen in de zaak C/16/441199/ HA ZA 17-515 van de rechtbank Midden-Nederland van 25 oktober 2017, 12 september 2018 en 27 maart 2019 (hersteld bij vonnis van 8 mei 2019); b. het arrest in de zaak 200.259.204 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 7 september 2021; c. het arrest in de zaak 21/05009 van de Hoge Raad van 20 januari 2023, ECLI:NL:HR:2023:60; d. het arrest in de zaak 200.259.204/02 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 5 maart 2024.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2025:510 · Hoge Raad: TER c.s. hebben tegen het arrest van het hof van 5 maart 2024 beroep in cassatie ingesteld. Remia heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van TER c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

Cited Case Law

AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN CIVIELE KAMER Nummer 24/02044 Datum 4 april 2025 ARREST In de zaak van 1. TER INGREDIENTS GMBH & CO. KG, gevestigd te Hamburg, Duitsland, 2. TER INGREDIENTS VERWALTUNGS GMBH, gevestigd te Hamburg, Duitsland, EISERESSEN tot cassatie, hierna gezamenlijk: TER c.s., advocaat: F.J. Fernhout, tegen REMIA C.V., gevestigd te Den Dolder, gemeente Zeist, VERWEERSTER in cassatie, hierna: Remia, advocaat: N.E. Groeneveld-Tijssens. 1Procesverloop Voor het verloop van het geding tot dusver verwijst de Hoge Raad naar: a. de vonnissen in de zaak C/16/441199/ HA ZA 17-515 van de rechtbank Midden-Nederland van 25 oktober 2017, 12 september 2018 en 27 maart 2019 (hersteld bij vonnis van 8 mei 2019); b. het arrest in de zaak 200.259.204 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 7 september 2021; c. het arrest in de zaak 21/05009 van de Hoge Raad van 20 januari 2023, ECLI:NL:HR:2023:60; d. het arrest in de zaak 200.259.204/02 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 5 maart 2024.

TER c.s. hebben tegen het arrest van het hof van 5 maart 2024 beroep in cassatie ingesteld. Remia heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van TER c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 3Beslissing De Hoge Raad: - verwerpt het beroep; - veroordeelt TER c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Remia begroot op € 873,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien TER c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan. Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock en A.E.B. ter Heide, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op 4 april 2025.