ECLI:NL:HR:2024:963 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/00259 Datum 3 september 2024 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 24 januari 2023, nummer 23-001673-20, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987, hierna: de verdachte.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2024:963 · Hoge Raad: De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 september 2024.
Full text
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN STRAFKAMER Nummer 23/00259 Datum 3 september 2024 ARREST op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 24 januari 2023, nummer 23-001673-20, in de strafzaak tegen [verdachte], geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987, hierna: de verdachte.
1Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft G. Spong, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld. De advocaat-generaal E.J. Hofstee heeft geconcludeerd tot verwerping van het cassatieberoep. 2Beoordeling van het eerste tot en met het vierde cassatiemiddel 2.1 De cassatiemiddelen komen met verschillende klachten op tegen de bewezenverklaring en lenen zich voor gezamenlijke bespreking. 2.2 De cassatiemiddelen leiden niet tot cassatie. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal onder 3 tot en met 24.
3Beoordeling van het vijfde cassatiemiddel
De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van de Wet op de rechterlijke organisatie). 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren Y. Buruma en A.L.J. van Strien, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 september 2024.