Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2014:949 ECLI:NL:HR:2014:949 AI generated

ECLI:NL:HR:2014:949 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2014:949
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

18 april 2014 Eerste Kamer nr. 14/00023 LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser],wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. A.H.H. Vermeulen, t e g e n STICHTING VREDEWOLD,gevestigd te Leek, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Vredewold.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2014:949 · Hoge Raad: Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 128902/HA ZA 11-628 van de rechtbank Groningen van 14 december 2011 en 8 augustus 2012; b. de arresten in de zaak 200.116.199/01 van het gerechtshof te Leeuwarden van 11 december 2012 en van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 september 2013. Het arrest van 17 september 2013 is aan dit arrest gehecht.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

18 april 2014 Eerste Kamer nr. 14/00023 LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiser],wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. A.H.H. Vermeulen, t e g e n STICHTING VREDEWOLD,gevestigd te Leek, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Vredewold.

1Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 128902/HA ZA 11-628 van de rechtbank Groningen van 14 december 2011 en 8 augustus 2012; b. de arresten in de zaak 200.116.199/01 van het gerechtshof te Leeuwarden van 11 december 2012 en van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 17 september 2013. Het arrest van 17 september 2013 is aan dit arrest gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van 17 september 2013 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Tegen Vredewold is verstek verleend. Het standpunt van de Procureur-Generaal strekt tot het niet-ontvankelijk verklaren van het cassatieberoep.

3Beoordeling van de ontvankelijkheid

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden (zie het standpunt van de Procureur-Generaal onder 2.1 – 2.5). De Hoge Raad zal daarom – gezien art. 80a lid 1 RO en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep niet-ontvankelijk verklaren. 4Beslissing De Hoge Raad: verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk; veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Vredewold begroot op nihil. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 18 april 2014.