Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2014:412 ECLI:NL:HR:2014:412 AI generated

ECLI:NL:HR:2014:412 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2014:412
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

21 februari 2014 Eerste Kamer nr. 13/05667 RM/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [betrokkene],wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. G.E.M. Later, t e g e n (DE BEHANDELAAR IN) HET PSYCHIATRISCH ZIEKENHUIS VAN GGZ EINDHOVEN EN IDRIS (AMRANT-GROEP) gevestigd te Eindhoven, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als betrokkene en de behandelaar.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2014:412 · Hoge Raad: De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 21 februari 2014.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

21 februari 2014 Eerste Kamer nr. 13/05667 RM/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [betrokkene],wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. G.E.M. Later, t e g e n (DE BEHANDELAAR IN) HET PSYCHIATRISCH ZIEKENHUIS VAN GGZ EINDHOVEN EN IDRIS (AMRANT-GROEP) gevestigd te Eindhoven, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als betrokkene en de behandelaar.

1Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak C/01/264810/FA RK 13-3326 van de rechtbank Oost-Brabant van 16 augustus 2013. De beschikking van de rechtbank is aan deze beschikking gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. In cassatie is geen verweerschrift ingediend. De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep. De advocaat van betrokkene heeft bij brief van 20 januari 2014 op die conclusie gereageerd.

3Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 21 februari 2014.