Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2014:2995 ECLI:NL:HR:2014:2995 AI generated

ECLI:NL:HR:2014:2995 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2014:2995
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

17 oktober 2014 Eerste Kamer nr. 13/03319 LZ/LH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiseres],gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. F.E. Vermeulen, t e g e n mr. M.R. VAN ZANTEN, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [betrokkene 1],kantoorhoudende te Amsterdam, VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en de curator.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2014:2995 · Hoge Raad: De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 380,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 17 oktober 2014.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

17 oktober 2014 Eerste Kamer nr. 13/03319 LZ/LH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [eiseres],gevestigd te [vestigingsplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. F.E. Vermeulen, t e g e n mr. M.R. VAN ZANTEN, in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van [betrokkene 1],kantoorhoudende te Amsterdam, VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en de curator.

1Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 355442/HA ZA 06-3564 van de rechtbank Amsterdam van 18 april 2007, 13 juni 2007, 16 april 2008 en 4 juni 2008; b. de arresten in de zaak 200.014.179/01 en 200.014.112/01 van het gerechtshof Amsterdam van 24 november 2009, 2 augustus 2011, 16 oktober 2012 en 2 april 2013. De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 2 april 2013 heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De curator heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor [eiseres] mede door mr. B.F.L.M. Schim, en voor de curator mede door mr. P.B.Q. van Bijsterveldt. De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping. De advocaat van de [eiseres] heeft bij brief van 5 september 2014 op die conclusie gereageerd.

3Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 380,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president F.B. Bakels als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 17 oktober 2014.