Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2014:2993 ECLI:NL:HR:2014:2993 AI generated

ECLI:NL:HR:2014:2993 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2014:2993
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

17 oktober 2014 Eerste Kamer nr. 14/02955 RM/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [verzoeker],wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos, t e g e n 1. [verweerster 1],gevestigd te [vestigingsplaats], 2. de vennootschap onder firma SDJ COMPUTERS,gevestigd te Wateringen, VERWEERSTERS in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en [verweerster] c.s.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2014:2993 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 17 oktober 2014.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

17 oktober 2014 Eerste Kamer nr. 14/02955 RM/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [verzoeker],wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos, t e g e n 1. [verweerster 1],gevestigd te [vestigingsplaats], 2. de vennootschap onder firma SDJ COMPUTERS,gevestigd te Wateringen, VERWEERSTERS in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoeker] en [verweerster] c.s.

1Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak C/13/538589 FT RK 13/698 van de rechtbank Amsterdam van 15 april 2014; b. het arrest in de zaak 200.146.848/01 van het gerechtshof Amsterdam van 3 juni 2014. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoeker] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. [verweerster] c.s. hebben geen verweerschrift ingediend. De zaak is voor [verzoeker] toegelicht door zijn advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van [verzoeker] heeft bij brief van 18 september 2014 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president E.J. Numann op 17 oktober 2014.