Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2014:2933 ECLI:NL:HR:2014:2933 AI generated

ECLI:NL:HR:2014:2933 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2014:2933
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

10 oktober 2014 Eerste Kamer nr. 13/05894 EE/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [de vrouw],wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. S. Kousedghi, t e g e n [de man],wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. K. Aantjes. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2014:2933 · Hoge Raad: De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 10 oktober 2014.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

10 oktober 2014 Eerste Kamer nr. 13/05894 EE/AS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [de vrouw],wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. S. Kousedghi, t e g e n [de man],wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. K. Aantjes. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.

1Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de beschikkingen in de zaak met rekestnummers 371494/F1 RK 11-177 en 383395/F1 RK 11-2324 van de rechtbank Rotterdam van 14 december 2011 en 17 oktober 2012; b. de beschikking in de zaak 200.120.417/01 en 200.125.614/01 van het gerechtshof Den Haag van 28 augustus 2013. De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. De man heeft verzocht het beroep te verwerpen. De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping. De advocaat van de vrouw heeft bij brief van 4 juli 2014 op die conclusie gereageerd.

3Beoordeling van de middelen

De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op 10 oktober 2014.