Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2014:216 ECLI:NL:HR:2014:216 AI generated

ECLI:NL:HR:2014:216 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2014:216
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

31 januari 2014 Eerste Kamer nr. 13/00487 LZ/TT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: JEKA HOLDING B.V.,gevestigd te Drunen, gemeente Heusden, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. F.E. Vermeulen, t e g e n [verweerster],wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. D.M. de Knijff. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Jeka en [verweerster].

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2014:216 · Hoge Raad: De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Jeka in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 380,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, G. Snijders, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president F.B. Bakels op 31 januari 2014.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

31 januari 2014 Eerste Kamer nr. 13/00487 LZ/TT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: JEKA HOLDING B.V.,gevestigd te Drunen, gemeente Heusden, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. F.E. Vermeulen, t e g e n [verweerster],wonende te [woonplaats], VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. D.M. de Knijff. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Jeka en [verweerster].

1Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 205999/HA ZA 09-1240 van de rechtbank Breda van 24 november 2010; b. de arresten in de zaak HD 200.080.957 van het gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 16 augustus 2011 en 16 oktober 2012. Het arrest van het hof van 16 oktober 2012 is aan dit arrest gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof van 16 oktober 2012 heeft Jeka beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. [verweerster] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal G.R.B. van Peursem strekt tot verwerping. De advocaat van Jeka heeft bij brief van 20 december 2013 op die conclusie gereageerd.

3Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Jeka in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] begroot op € 380,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, G. Snijders, M.V. Polak en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president F.B. Bakels op 31 januari 2014.