Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2014:1422 ECLI:NL:HR:2014:1422 AI generated

ECLI:NL:HR:2014:1422 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2014:1422
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

13 juni 2014 nr. 13/03232 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 15 mei 2013, nr. BK-12/00511, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van het Hof van 9 oktober 2012, nr. BK‑12/00511, betreffende het verzoek om herziening van de uitspraak van het Hof van 24 juni 2011, nr. BK‑04/2452.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2014:1422 · Hoge Raad: De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 3Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 4Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 13 juni 2014.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

13 juni 2014 nr. 13/03232 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 15 mei 2013, nr. BK-12/00511, op het verzet van belanghebbende tegen de uitspraak van het Hof van 9 oktober 2012, nr. BK‑12/00511, betreffende het verzoek om herziening van de uitspraak van het Hof van 24 juni 2011, nr. BK‑04/2452.

1Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak op het verzet beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd. De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

2Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 3Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 4Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren Th. Groeneveld en J. Wortel, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 13 juni 2014.