Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:BZ8364 ECLI:NL:HR:2013:BZ8364 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:BZ8364 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:BZ8364
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 332818 / HA ZA 09-872 van de rechtbank ´s-Gravenhage van 13 mei 2009, 29 september 2010 en 2 februari 2011; b. het arrest in de zaak 200.084.773/01 van het gerechtshof te ´s-Gravenhage van 31 januari 2012. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2013:BZ8364 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Gemeente heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiseres] in haar cassatieberoep op grond van art. 80a RO, althans tot verwerping van het beroep. De zaak is voor de Gemeente toegelicht door haar advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep, met een beslissing omtrent de kosten als vermeld in de conclusie onder 5.4.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

14 juni 2013 Eerste Kamer 12/03371 RM/DH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. J. Geelhoed, t e g e n GEMEENTE LEIDEN, zetelende te Leiden, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. J.P. van den Berg. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiseres] en de Gemeente.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 332818 / HA ZA 09-872 van de rechtbank ´s-Gravenhage van 13 mei 2009, 29 september 2010 en 2 februari 2011; b. het arrest in de zaak 200.084.773/01 van het gerechtshof te ´s-Gravenhage van 31 januari 2012. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Gemeente heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van [eiseres] in haar cassatieberoep op grond van art. 80a RO, althans tot verwerping van het beroep. De zaak is voor de Gemeente toegelicht door haar advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep, met een beslissing omtrent de kosten als vermeld in de conclusie onder 5.4.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 799,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 14 juni 2013.