Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:BY8093 ECLI:NL:HR:2013:BY8093 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:BY8093 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:BY8093
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 188850/HA ZA 09-454 van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 29 april 2009 en 16 september 2009; b. het arrest in de zaak HD 200.054.057 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 22 maart 2011. c. de tussenarresten in de zaak 11/03985 van de Hoge Raad van 11 november 2011 en 10 februari 2012. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2013:BY8093 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploot zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit. De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 lid 1 RO.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

22 maart 2013 Eerste Kamer 11/03985 TT/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres 1], gevestigd te [vestigingsplaats], 2. [Eiser 2], 3. [Eiseres 3], beiden wonende te [woonplaats], Duitsland, EISERS tot cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. A.B. Baumgarten, thans mr. H.H.M. Meijroos, t e g e n GEMEENTE 'S-HERTOGENBOSCH, zetelende te 's-Hertogenbosch, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. D.M. de Knijff. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en de Gemeente.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 188850/HA ZA 09-454 van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 29 april 2009 en 16 september 2009; b. het arrest in de zaak HD 200.054.057 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 22 maart 2011. c. de tussenarresten in de zaak 11/03985 van de Hoge Raad van 11 november 2011 en 10 februari 2012. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding en het herstelexploot zijn aan dit arrest gehecht en maken daarvan deel uit. De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 lid 1 RO.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 2.428,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president F.B. Bakels op 22 maart 2013.