Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:860 ECLI:NL:HR:2013:860 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:860 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:860
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

4 oktober 2013 Eerste Kamer nr. 13/02805 EV/LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [verzoekster],wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos. t e en OBVION N.V., gevestigd te Heerlen, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. D. Rijpma. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en Obvion.

Legislator headnote

AI generated

art. 287a lid 1 Fw; ECLI:NL:HR:2013:860 · Hoge Raad: Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Obvion heeft een verweerschrift ingediend strekkende tot het niet-ontvankelijk verklaren van [verzoekster] in haar cassatieverzoek. [verzoekster] heeft gereageerd op het verweerschrift van Obvion. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkheid van [verzoekster]. De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 16 augustus 2013 op die conclusie gereageerd. 3Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep 3.1 [verzoekster] heeft de rechtbank primair verzocht Obvion te bevelen in te stemmen met de door haar aangeboden schuldregeling (art. 287a lid 1 Fw).

Keywords

AI generated
art. 287a lid 1 Fw

Cited Legislation

AI generated
art. 287a lid 1 Fw
3Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep 3.1 [verzoekster] heeft de rechtbank primair verzocht Obvion te bevelen in te stemmen met de door haar aangeboden schuldregeling (art. 287a lid 1 Fw).

Cited Case Law

AI generated
ECLI:NL:HR:2012:BY0966
Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a.
NJ 2013/43
Tegen de afwijzing van dit verzoek staat geen rechtsmiddel open, zodat [verzoekster] in haar beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard (HR 14 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY0966, NJ 2013/43, rov.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

4 oktober 2013 Eerste Kamer nr. 13/02805 EV/LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [verzoekster],wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P.J.Ph. Dietz de Loos. t e en OBVION N.V., gevestigd te Heerlen, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. D. Rijpma. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster] en Obvion.

1Het geding in feitelijke instanties

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 124700/FT RK 13-83 van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, van 14 maart 2013; b. het arrest in de zaak 200.124.197/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden, van 30 mei 2013. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen het arrest van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Obvion heeft een verweerschrift ingediend strekkende tot het niet-ontvankelijk verklaren van [verzoekster] in haar cassatieverzoek. [verzoekster] heeft gereageerd op het verweerschrift van Obvion. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkheid van [verzoekster]. De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 16 augustus 2013 op die conclusie gereageerd. 3Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep 3.1 [verzoekster] heeft de rechtbank primair verzocht Obvion te bevelen in te stemmen met de door haar aangeboden schuldregeling (art. 287a lid 1 Fw).

Subsidiair heeft zij verzocht te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling. 3.2 De rechtbank heeft het primaire verzoek toegewezen. Het hof heeft het primaire verzoek alsnog afgewezen en het subsidiaire verzoek toegewezen. 3.3 Het middel is gericht tegen de afwijzing van het primaire verzoek. Tegen de afwijzing van dit verzoek staat geen rechtsmiddel open, zodat [verzoekster] in haar beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard (HR 14 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BY0966, NJ 2013/43, rov. 3.6.5). 4Beslissing De Hoge Raad verklaart [verzoekster] niet-ontvankelijk in haar beroep.

Dit arrest is gewezen door de raadheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 4 oktober 2013.