Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:822 ECLI:NL:HR:2013:822 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:822 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:822
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

1 oktober 2013 Strafkamer nr. 11/04936 Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 23 september 2011, nummer 21/003045-10, in de strafzaak tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verbeterde lezing van de bewezenverklaring, tot aftrek van de tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht op de opgelegde gevangenisstraf en tot verwerping van het beroep voor het overige. De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2013:822 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, - en wat betreft het derde middel mede gelet op HR 19 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ4478, NJ 2013/246 - geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 3Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 oktober 2013.

Cited Case Law

AI generated
ECLI:NL:HR:2013:BZ4478
Geding in cassatie Het beroep is ingesteld door de verdachte.
NJ 2013/246
81, eerste lid, RO, - en wat betreft het derde middel mede gelet op HR 19 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ4478, NJ 2013/246 - geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

1 oktober 2013 Strafkamer nr. 11/04936 Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Arnhem van 23 september 2011, nummer 21/003045-10, in de strafzaak tegen: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982.

1Geding in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. B.P. de Boer, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Advocaat-Generaal A.J. Machielse heeft geconcludeerd tot verbeterde lezing van de bewezenverklaring, tot aftrek van de tijd die verdachte in verzekering heeft doorgebracht op de opgelegde gevangenisstraf en tot verwerping van het beroep voor het overige. De raadsman heeft daarop schriftelijk gereageerd.

2. Beoordeling van de middelen De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, - en wat betreft het derde middel mede gelet op HR 19 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ4478, NJ 2013/246 - geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 3Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en V. van den Brink, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 1 oktober 2013.