Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:807 ECLI:NL:HR:2013:807 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:807 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:807
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

27 september 2013 nr. 13/02813 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 16 mei 2013, nr. 12/280 AW, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Zwolle-Lelystad van 1 december 2011 (nr. 11/960) betreffende een besluit op grond van artikel 95, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad enkel kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de administratieve rechter voor zover dit bij wet is bepaald.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2013:807 · Hoge Raad: 27 september 2013 nr. 13/02813 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 16 mei 2013, nr. 12/280 AW, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Zwolle-Lelystad van 1 december 2011 (nr. 11/960) betreffende een besluit op grond van artikel 95, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad enkel kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de administratieve rechter voor zover dit bij wet is bepaald.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

27 september 2013 nr. 13/02813 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 16 mei 2013, nr. 12/280 AW, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Zwolle-Lelystad van 1 december 2011 (nr. 11/960) betreffende een besluit op grond van artikel 95, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Ingevolge artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie neemt de Hoge Raad enkel kennis van het beroep in cassatie tegen uitspraken van de administratieve rechter voor zover dit bij wet is bepaald.

Er is geen wettelijke bepaling die beroep in cassatie openstelt tegen een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep als de onderhavige. Het beroep in cassatie dient derhalve niet-ontvankelijk te worden verklaard. 2Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 3Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en M.A. Fierstra, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I.

Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 27 september 2013.