ECLI:NL:HR:2013:456 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHoge Raad der Nederlanden Derde Kamer Nr. 13/00858 9 augustus 2013 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldenzaal (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2013, nr. 12/00254, betreffende een ten aanzien van [X] te [Z] gegeven beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Het beroepschrift in cassatie bevat, hoewel artikel 6:5, lid 1, letter d, Awb dit vereist, niet de gronden van het beroep.
Legislator headnote
AI generatedartikel 6:6 Awb; ECLI:NL:HR:2013:456 · Hoge Raad: 13/00858 9 augustus 2013 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldenzaal (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2013, nr. 12/00254, betreffende een ten aanzien van [X] te [Z] gegeven beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Het beroepschrift in cassatie bevat, hoewel artikel 6:5, lid 1, letter d, Awb dit vereist, niet de gronden van het beroep.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
Hoge Raad der Nederlanden Derde Kamer Nr. 13/00858 9 augustus 2013 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldenzaal (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2013, nr. 12/00254, betreffende een ten aanzien van [X] te [Z] gegeven beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Het beroepschrift in cassatie bevat, hoewel artikel 6:5, lid 1, letter d, Awb dit vereist, niet de gronden van het beroep.
Bij aangetekende brief van 26 februari 2013, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgehaald op de afhaallocatie, heeft de griffier van de Hoge Raad het College in de gelegenheid gesteld dat verzuim te herstellen. Het College heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt. Nu herstel van het verzuim niet heeft plaatsgevonden, zal de Hoge Raad met toepassing van het bepaalde in artikel 6:6 Awb het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren. 2Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 3Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk.
Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en M.A. Fierstra, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 9 augustus 2013. Van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oldenzaal wordt een griffierecht geheven van € 478.