ECLI:NL:HR:2013:453 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHoge Raad der Nederlanden Derde Kamer Nr. 13/00270 9 augustus 2013 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] u.a. (thans [A] B.V.) te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 4 december 2012, nr. 11/00519, betreffende een aan belanghebbende voor het jaar 1999 opgelegde aanslag in de vennootschapsbelasting, nr. [001]. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Het beroepschrift in cassatie bevat niet de gronden van het beroep. Bij aangetekende brief van 21 januari 2013, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgeleverd op het door belanghebbende opgegeven adres, heeft de griffier van de Hoge Raad belanghebbende in de gelegenheid gesteld dat verzuim te herstellen.
Legislator headnote
AI generatedartikel 6:6 Awb; ECLI:NL:HR:2013:453 · Hoge Raad: Belanghebbende heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt binnen de daartoe gestelde termijn. Nu herstel van het verzuim niet tijdig heeft plaatsgevonden, zal de Hoge Raad met toepassing van het bepaalde in artikel 6:6 Awb het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren. 2Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 3Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren C.B.
Keywords
AI generatedCited Legislation
AI generatedFull text
Hoge Raad der Nederlanden Derde Kamer Nr. 13/00270 9 augustus 2013 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] u.a. (thans [A] B.V.) te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Arnhem van 4 december 2012, nr. 11/00519, betreffende een aan belanghebbende voor het jaar 1999 opgelegde aanslag in de vennootschapsbelasting, nr. [001]. 1Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Het beroepschrift in cassatie bevat niet de gronden van het beroep. Bij aangetekende brief van 21 januari 2013, die volgens de gegevens van Track&Trace van PostNL is afgeleverd op het door belanghebbende opgegeven adres, heeft de griffier van de Hoge Raad belanghebbende in de gelegenheid gesteld dat verzuim te herstellen.
Belanghebbende heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt binnen de daartoe gestelde termijn. Nu herstel van het verzuim niet tijdig heeft plaatsgevonden, zal de Hoge Raad met toepassing van het bepaalde in artikel 6:6 Awb het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren. 2Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 3Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.A.C.A. Overgaauw als voorzitter, en de raadsheren C.B.
Bavinck en L.F. van Kalmthout, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 9 augustus 2013.