Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:373 ECLI:NL:HR:2013:373 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:373 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:373
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Hoge Raad der Nederlanden Derde Kamer Nr. 12/05692 9 augustus 2013 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 30 oktober 2012, nr. 10/6702 WWB, betreffende een besluit het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijmegen (hierna: het College) ingevolge de Wet werk en bijstand.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2013:373 · Hoge Raad: De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 3Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 4Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 9 augustus 2013.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Hoge Raad der Nederlanden Derde Kamer Nr. 12/05692 9 augustus 2013 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 30 oktober 2012, nr. 10/6702 WWB, betreffende een besluit het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijmegen (hierna: het College) ingevolge de Wet werk en bijstand.

1Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van Centrale Raad beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal klachten aangevoerd. Het College heeft een verweerschrift ingediend. Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.

2Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 3Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten. 4Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Dit arrest is gewezen door de raadsheer C. Schaap als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 9 augustus 2013.