Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:2055 ECLI:NL:HR:2013:2055 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:2055 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:2055
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

20 december 2013 Eerste Kamer nr. 12/04148 RM/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [eiser 1], 2. [eiser 2],beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans, t e g e n DE LANDINRICHTINGSCOMMISSIE IN DE RUILVERKAVELING "DONIAWERSTAL",gevestigd te Leeuwarden, VERWEERSTER in cassatie, advocaten: mr. M.W. Scheltema en mr. R.T. Wiegerink. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] (in enkelvoud) en de Landinrichtingscommissie.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2013:2055 · Hoge Raad: De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Landinrichtingscommissie begroot op € 799,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 20 december 2013.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

20 december 2013 Eerste Kamer nr. 12/04148 RM/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [eiser 1], 2. [eiser 2],beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans, t e g e n DE LANDINRICHTINGSCOMMISSIE IN DE RUILVERKAVELING "DONIAWERSTAL",gevestigd te Leeuwarden, VERWEERSTER in cassatie, advocaten: mr. M.W. Scheltema en mr. R.T. Wiegerink. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] (in enkelvoud) en de Landinrichtingscommissie.

1Het geding in feitelijke instantie

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de vonnissen in de zaak 109606/HA ZA 11-22 van de rechtbank Leeuwarden van 30 maart 2011, 25 mei 2011, 13 juli 2011 en 4 juli 2012. De vonnissen van de rechtbank zijn aan dit arrest gehecht.

2Het geding in cassatie

Tegen de vonnissen van de rechtbank van 30 maart 2011 en 4 juli 2012 heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Landinrichtingscommissie heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor [eiser] mede door mr. R.L. de Graaff, advocaat bij de Hoge Raad. De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot: - niet-ontvankelijkverklaring van eisers in hun cassatieberoep tegen het tussenvonnis van 30 maart 2011, en - verwerping van het cassatieberoep tegen het eindvonnis van 4 juli 2012. De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 8 november 2013 op die conclusie gereageerd.

3Beoordeling van het middel

De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 4Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Landinrichtingscommissie begroot op € 799,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.E. Drion en G. de Groot, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.A. Loth op 20 december 2013.