Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2013:1150 ECLI:NL:HR:2013:1150 AI generated

ECLI:NL:HR:2013:1150 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2013:1150
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

8 november 2013 nr. 13/00888 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijssen-Holten (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2013, nr. 12/00255, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank te Almelo (nr. 11/952 WOZ W1 A) betreffende een ten aanzien van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) gedaan verzoek om vergoeding van kosten in verband met de behandeling van het bezwaar.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2013:1150 · Hoge Raad: 8 november 2013 nr. 13/00888 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijssen-Holten (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2013, nr. 12/00255, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank te Almelo (nr. 11/952 WOZ W1 A) betreffende een ten aanzien van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) gedaan verzoek om vergoeding van kosten in verband met de behandeling van het bezwaar.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

8 november 2013 nr. 13/00888 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijssen-Holten (hierna: het College) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 15 januari 2013, nr. 12/00255, op het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank te Almelo (nr. 11/952 WOZ W1 A) betreffende een ten aanzien van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) gedaan verzoek om vergoeding van kosten in verband met de behandeling van het bezwaar.

1Geding in cassatie

Het College heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij een aantal middelen voorgesteld. Belanghebbende heeft een verweerschrift ingediend.

2Beoordeling van het middel

Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. 3Proceskosten Het College zal worden veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. 4Beslissing De Hoge Raad: verklaart het beroep in cassatie ongegrond, en veroordeelt het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijssen-Holten in de kosten van het geding in cassatie aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op € 944 voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand. Dit arrest is gewezen door de vice-president M.W.C. Feteris als voorzitter, en de raadsheren P.M.F. van Loon en Th. Groeneveld, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 8 november 2013. Van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rijssen-Holten wordt een griffierecht geheven van € 478.