ECLI:NL:HR:2012:BY4913 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHet geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 136590/HA ZA 09-50 van de rechtbank Maastricht van 1 april 2009 en 25 november 2009; b. het arrest in de zaak HD 200.052.507 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 3 mei 2011. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2012:BY4913 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. AzM heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor azM mede door mr. R.L.M.M. Tan, advocaat te Amsterdam. De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 lid 1 RO. De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 9 november 2012 op die conclusie gereageerd.
Full text
21 december 2012 Eerste Kamer 11/04530 EE/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. K. Aantjes, t e g e n de publiekrechtelijke rechtspersoon HET ACADEMISCH ZIEKENHUIS MAASTRICHT, zetelende te Maastricht, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. R.A.A. Duk, thans mr. M.J. Schenck. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en azM.
1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 136590/HA ZA 09-50 van de rechtbank Maastricht van 1 april 2009 en 25 november 2009; b. het arrest in de zaak HD 200.052.507 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 3 mei 2011. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. AzM heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor azM mede door mr. R.L.M.M. Tan, advocaat te Amsterdam. De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 lid 1 RO. De advocaat van [eiser] heeft bij brief van 9 november 2012 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van azM begroot op € 5.965,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A.H.T. Heisterkamp en M.A. Loth, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 21 december 2012.