Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2012:BW6136 ECLI:NL:HR:2012:BW6136 AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BW6136 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2012:BW6136
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 106814/KG ZA 10-250 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Leeuwarden van 6 oktober 2010; b. het arrest in de zaak 200.076.658/01 van het gerechtshof te Leeuwarden van 12 april 2011. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BW6136 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

13 juli 2012 Eerste Kamer 11/02491 DV/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [De moeder], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. P. Garretsen, thans mr. K. Aantjes, t e g e n [De vader], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. J. Groen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder en de vader.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 106814/KG ZA 10-250 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Leeuwarden van 6 oktober 2010; b. het arrest in de zaak 200.076.658/01 van het gerechtshof te Leeuwarden van 12 april 2011. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De vader heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; compenseert de kosten van het geding in cassatie aldus dat iedere partij de eigen kosten draagt. Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren J.C. van Oven, C.A. Streefkerk, M.A. Loth en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 13 juli 2012.