Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2012:BW5772 ECLI:NL:HR:2012:BW5772 AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BW5772 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2012:BW5772
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Geding in cassatie 1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 1.2. De Hoge Raad heeft bij arrest van 20 maart 2012, LJN BV6989, geoordeeld dat, voordat op het cassatieberoep wordt beslist, de raadsman in de gelegenheid dient te worden gesteld kennis te nemen van en zich schriftelijk uit te laten over het door de Advocaat-Generaal aan het dossier toegevoegde stuk. 1.3. De raadsman heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid zich uit te laten over bedoeld stuk.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BW5772 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

15 mei 2012 Strafkamer nr. S 10/02135 Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 11 mei 2010, nummer 23/004639-09, in de strafzaak tegen: [Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971, wonende te [woonplaats].

1. Geding in cassatie 1.1. Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. G. Spong, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Advocaat-Generaal Jörg heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. 1.2. De Hoge Raad heeft bij arrest van 20 maart 2012, LJN BV6989, geoordeeld dat, voordat op het cassatieberoep wordt beslist, de raadsman in de gelegenheid dient te worden gesteld kennis te nemen van en zich schriftelijk uit te laten over het door de Advocaat-Generaal aan het dossier toegevoegde stuk. 1.3. De raadsman heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid zich uit te laten over bedoeld stuk.

2. Beoordeling van het middel Het middel kan niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president A.J.A. van Dorst als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en J. de Hullu, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken op 15 mei 2012.