Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2012:BW4978 ECLI:NL:HR:2012:BW4978 AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BW4978 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2012:BW4978
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de beschikking in de zaak FA RK 10-5710 van de rechtbank Amsterdam van 16 september 2010; b. de beschikking in de zaak 200.074.477/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 19 april 2011. De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BW4978 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. Bureau Jeugdzorg en de Raad hebben geen verweerschrift ingediend. [Verweerder] heeft verzocht het beroep niet-ontvankelijk te verklaren, althans te verwerpen. De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 RO. De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 8 mei 2012 op die conclusie gereageerd.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

15 juni 2012 Eerste Kamer 11/02136 TT/IF Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [Verzoekster], wonende te [woonplaats], Ierland, VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. J. Groen, t e g e n BUREAU JEUGDZORG, AGGLOMERATIE AMSTERDAM, gevestigd te Diemen, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen, RAAD VOOR DE KINDERBESCHERMING, REGIO AMSTERDAM EN GOOI- EN VECHTSTREEK, gevestigd te Amsterdam, VERWEERDER in cassatie, niet verschenen, e n t e g e n [Verweerder], wonende te [woonplaats], BELANGHEBBENDE in cassatie, advocaat: mr. P.C.M. van Schijndel. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [verzoekster], Bureau Jeugdzorg, de Raad en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de beschikking in de zaak FA RK 10-5710 van de rechtbank Amsterdam van 16 september 2010; b. de beschikking in de zaak 200.074.477/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 19 april 2011. De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen de beschikking van het hof heeft [verzoekster] beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. Bureau Jeugdzorg en de Raad hebben geen verweerschrift ingediend. [Verweerder] heeft verzocht het beroep niet-ontvankelijk te verklaren, althans te verwerpen. De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping met toepassing van art. 81 RO. De advocaat van [verzoekster] heeft bij brief van 8 mei 2012 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 15 juni 2012.