Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2012:BV7346 ECLI:NL:HR:2012:BV7346 AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BV7346 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2012:BV7346
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 160098/HA ZA 03-761 van de rechtbank Utrecht van 30 juli 2003, 19 mei 2004 en 25 juli 2007; b. het arrest in de zaak 200.004.695 van het gerechtshof te Amsterdam van 21 september 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2012:BV7346 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkverklaring dan wel verwerping met toepassing van art. 81 RO.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

13 april 2012 Eerste Kamer 11/00001 EE/IF Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser 1], wonende te [woonplaats], 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [Eiseres 3], gevestigd te [vestigingsplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. A.L.C.M. Oomen, t e g e n DE GEMEENTE VEENENDAAL, zetelende te Veenendaal, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. H.J.W. Alt. Partijen zullen ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en de Gemeente.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 160098/HA ZA 03-761 van de rechtbank Utrecht van 30 juli 2003, 19 mei 2004 en 25 juli 2007; b. het arrest in de zaak 200.004.695 van het gerechtshof te Amsterdam van 21 september 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Gemeente heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot niet-ontvankelijkverklaring dan wel verwerping met toepassing van art. 81 RO.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 781,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 13 april 2012.