ECLI:NL:HR:2012:BU3745 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHet geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de beschikking in de zaken 159884/09-2468 en 163214/09-3723 van de rechtbank Haarlem van 30 maart 2010; b. de beschikking in de zaak 200.069.307/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 18 januari 2011. De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2012:BU3745 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. De man heeft geen verweerschrift ingediend. De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO. De advocaat van de vrouw heeft bij brief van 18 november 2011 op die conclusie gereageerd.
Full text
13 januari 2012 Eerste Kamer 11/01850 EV/RA Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [De vrouw], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n [De man], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de vrouw en de man.
1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de beschikking in de zaken 159884/09-2468 en 163214/09-3723 van de rechtbank Haarlem van 30 maart 2010; b. de beschikking in de zaak 200.069.307/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 18 januari 2011. De beschikking van het hof is aan deze beschikking gehecht.
2. Het geding in cassatie Tegen de beschikking van het hof heeft de vrouw beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. De man heeft geen verweerschrift ingediend. De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO. De advocaat van de vrouw heeft bij brief van 18 november 2011 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, C.A. Streefkerk en G. Snijders, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 13 januari 2012.