Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2011:BU3924 ECLI:NL:HR:2011:BU3924 AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BU3924 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2011:BU3924
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 332430/KG ZA 09-314 van de voorzieningenrechter te 's-Gravenhage van 7 mei 2009; b. het arrest in de zaak 200.039.470/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 12 januari 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BU3924 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

16 december 2011 Eerste Kamer Nr. 10/02479 EE/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: PRETIUM TELECOM B.V., gevestigd te Haarlem, EISERES tot cassatie, advocaten: mrs. M.E. Bruning, D.P. Kuipers en O.G. Trojan, t e g e n 1. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid OMROEPVERENIGING VARA, gevestigd te Hilversum, VERWEERSTER in cassatie, 2. [Verweerder 2], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaten: mrs. B.T.M. van der Wiel en A.M. van Aerde. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Pretium en Vara en [verweerder 2].

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 332430/KG ZA 09-314 van de voorzieningenrechter te 's-Gravenhage van 7 mei 2009; b. het arrest in de zaak 200.039.470/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 12 januari 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft Pretium beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Vara en [verweerder 2] hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Pretium in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Vara en [verweerder 2] begroot op € 385,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren J.C. van Oven, W.A.M. van Schendel, C.A. Streefkerk en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 16 december 2011.