ECLI:NL:HR:2011:BT8838 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHet geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 02/387 van de rechtbank Arnhem van 12 maart 2003, 6 augustus 2003, 29 oktober 2003 en 25 mei 2005; b. de arresten in de zaak 104.001.316 van het gerechtshof te Arnhem van 15 juli 2008 en 17 november 2009. De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2011:BT8838 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen de arresten van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Tegen [verweerder] c.s. is verstek verleend. De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door hun advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 RO. De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 22 juli 2011 op die conclusie gereageerd.
Full text
21 oktober 2011 Eerste Kamer 10/01688 DV/LZ Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiser 1], 2. [Eiseres 2], beiden wonende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerster 2], beiden wonende te [woonplaats], België, 3. [Verweerster 3], handelend onder de naam [A], gevestigd te [vestigingsplaats], VERWEERDERS in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder] c.s.
1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 02/387 van de rechtbank Arnhem van 12 maart 2003, 6 augustus 2003, 29 oktober 2003 en 25 mei 2005; b. de arresten in de zaak 104.001.316 van het gerechtshof te Arnhem van 15 juli 2008 en 17 november 2009. De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie Tegen de arresten van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Tegen [verweerder] c.s. is verstek verleend. De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door hun advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep met toepassing van art. 81 RO. De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 22 juli 2011 op die conclusie gereageerd.
3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op nihil. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens als voorzitter, W.A.M. van Schendel en G. Snijders en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 21 oktober 2011.