Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2011:BS8792 ECLI:NL:HR:2011:BS8792 AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BS8792 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2011:BS8792
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het arrest in de zaak C02/140, LJN AZ3083, NJ 2007/161 van de Hoge Raad van 22 december 2006; b. het arrest in de zaak 104.004.292 van het gerechtshof te Arnhem van 23 februari 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BS8792 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Cited Case Law

AI generated
NJ 2007/161
het arrest in de zaak C02/140, LJN AZ3083, NJ 2007/161 van de Hoge Raad van 22 december 2006; b.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

14 oktober 2011 Eerste Kamer 10/02321 EV/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres 1], 2. [Eiseres 2], 3. [Eiseres 3], alle gevestigd te [vestigingsplaats], EISERESSEN tot cassatie, advocaat: mr. J.A.M.A. Sluysmans, t e g e n DE STAAT DER NEDERLANDEN, zetelende te 's-Gravenhage, VERWEERDER in cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. G. Snijders, thans mr. M.W. Scheltema. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als (in enkelvoud) [eiseres] en de Staat.

1. Het geding Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het arrest in de zaak C02/140, LJN AZ3083, NJ 2007/161 van de Hoge Raad van 22 december 2006; b. het arrest in de zaak 104.004.292 van het gerechtshof te Arnhem van 23 februari 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het tweede geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Staat heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal D.W.F. Verkade strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat begroot op € 385,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, J.C. van Oven, C.A. Streefkerk en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 14 oktober 2011.