Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2011:BS1090 ECLI:NL:HR:2011:BS1090 AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BS1090 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2011:BS1090
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 258573/HA ZA 03.0199 van de rechtbank Amsterdam van 13 december 2006; b. het arrest in de zaak 106.006.553/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 10 november 2009. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BS1090 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

9 september 2011 Eerste Kamer 10/01089 DV/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de rechtspersoon naar Duits recht ABERDEEN IMMOBILIEN KAPITALANLAGEGESELLSCHAFT m.b.H., gevestigd te Frankfurt am Main, Duitsland, EISERES tot cassatie, advocaat: aanvankelijk mr. K.G.W. van Oven, thans mr. R.P.J.L. Tjittes, t e g e n de maatschap DELOITTE & TOUCHE TAX LAWYERS, gevestigd te Amsterdam, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.A.A. Duk. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Aberdeen en Deloitte.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak 258573/HA ZA 03.0199 van de rechtbank Amsterdam van 13 december 2006; b. het arrest in de zaak 106.006.553/01 van het gerechtshof te Amsterdam van 10 november 2009. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft Aberdeen beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Deloitte heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor Aberdeen toegelicht door haar advocaat en voor Deloitte door mr. J. de Bie Leuveling Tjeenk. De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van Aberdeen heeft bij brief van 24 juni 2011 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Aberdeen in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Deloitte begroot op € 6.261,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren E.J. Numann, als voorzitter, A.M.J. van Buchem-Spapens, W.A.M. van Schendel, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer J.C. van Oven op 9 september 2011.