Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2011:BQ8104 ECLI:NL:HR:2011:BQ8104 AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BQ8104 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2011:BQ8104
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 142761/HA ZA 06-1197 van de rechtbank Arnhem van 11 oktober 2006, 7 februari 2007 en 20 februari 2008; b. het arrest in de zaak 200.008.158 van het gerechtshof te Arnhem van 10 november 2009. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BQ8104 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

2 september 2011 Eerste Kamer 10/00709 EV/TT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: ATLANCO RIMEC GROUP LTD., gevestigd te Dublin, Ierland, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. F.L. Oudshoorn, t e g e n Honoré VAN SCHUPPEN in zijn hoedanigheid van curator in het faillissement van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Rimec Uitzendburau B.V., kantoorhoudende te Amsterdam, VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. J.P. Heering. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Atlanco Rimec Group en de curator.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 142761/HA ZA 06-1197 van de rechtbank Arnhem van 11 oktober 2006, 7 februari 2007 en 20 februari 2008; b. het arrest in de zaak 200.008.158 van het gerechtshof te Arnhem van 10 november 2009. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft Atlanco Rimec Group beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De curator heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de curator mede door mr. L.B. de Graaf, advocaat bij de Hoge Raad. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Atlanco Rimec Group in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de curator begroot op € 385,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 2 september 2011.