Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2011:BQ1693 ECLI:NL:HR:2011:BQ1693 AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BQ1693 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2011:BQ1693
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 101402/HA ZA 05-488 van de rechtbank Maastricht van 17 mei 2006 en 2 mei 2007; b. de arresten in de zaak HD 103.005.296 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 21 oktober 2008, 3 maart 2009 en 8 september 2009. Het arrest van het hof van 8 september 2009 is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BQ1693 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

8 juli 2011 Eerste Kamer 10/00482 DV/TT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Eiseres 1], wonende te [woonplaats], 2. [Eiser 2], wonende te [woonplaats], 3. [Eiseres 3], wonende te [woonplaats], 4. [Eiser 4], wonende te [woonplaats], in hun hoedanigheid van erfgenamen van 1. [Betrokkene 1], 2. [Betrokkene 2], beiden gewoond hebbende te [woonplaats], EISERS tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n 1. [Verweerder 1], 2. [Verweerster 2], beiden wonende te [woonplaats], VERWEERDERS in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder] c.s.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 101402/HA ZA 05-488 van de rechtbank Maastricht van 17 mei 2006 en 2 mei 2007; b. de arresten in de zaak HD 103.005.296 van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 21 oktober 2008, 3 maart 2009 en 8 september 2009. Het arrest van het hof van 8 september 2009 is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof van 8 september 2009 hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Tegen [verweerder] c.s. is verstek verleend. De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door hun advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het cassatieberoep. De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 22 april 2011 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] c.s. begroot op nihil. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 8 juli 2011.