Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2011:BQ0594 ECLI:NL:HR:2011:BQ0594 AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BQ0594 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2011:BQ0594
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instantie Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de vonnissen in de zaak 247580/HA ZA 08-824 van de rechtbank Utrecht van 13 mei 2009 en 14 oktober 2009. De vonnissen van de rechtbank zijn aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2011:BQ0594 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen het vonnis van de rechtbank van 14 oktober 2009 heeft Maasmond op de voet van art. 398, aanhef en onder 2°, Rv. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. [Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het beroep.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

20 mei 2011 Eerste Kamer 10/00364 Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: COÖPERATIEVE VERENIGING MAASMOND WESTLAND U.A., gevestigd te De Lier, EISERES tot cassatie, advocaten: mr. J. van Duijvendijk-Brand en mr. M.E.M.G. Peletier, t e g e n [Verweerder], handelende onder de naam [A], wonende te [woonplaats], VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. E. van Staden ten Brink. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Maasmond en [verweerder].

1. Het geding in feitelijke instantie Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de vonnissen in de zaak 247580/HA ZA 08-824 van de rechtbank Utrecht van 13 mei 2009 en 14 oktober 2009. De vonnissen van de rechtbank zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het vonnis van de rechtbank van 14 oktober 2009 heeft Maasmond op de voet van art. 398, aanhef en onder 2°, Rv. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. [Verweerder] heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal P. Vlas strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Maasmond in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 1.256,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren E.J. Numann, F.B. Bakels, C.A. Streefkerk en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 20 mei 2011.