ECLI:NL:HR:2011:BQ0482 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHet geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 10/522 F van de rechtbank Utrecht van 28 september 2010 en 29 oktober 2010; b. het arrest in de zaak 200.076.722 van het gerechtshof te Amsterdam, nevenzittingsplaats Arnhem, van 9 december 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2011:BQ0482 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft Cybermedia beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. PaySquare heeft geen verweerschrift ingediend. De zaak is voor Cybermedia toegelicht door haar advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.
Full text
8 april 2011 Eerste Kamer 10/05462 DV/TT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: CYBERMEDIA B.V., gevestigd te Utrecht, VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n PAYSQUARE B.V., gevestigd te Utrecht, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Cybermedia en PaySquare.
1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 10/522 F van de rechtbank Utrecht van 28 september 2010 en 29 oktober 2010; b. het arrest in de zaak 200.076.722 van het gerechtshof te Amsterdam, nevenzittingsplaats Arnhem, van 9 december 2010. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft Cybermedia beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. PaySquare heeft geen verweerschrift ingediend. De zaak is voor Cybermedia toegelicht door haar advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Timmerman strekt tot verwerping van het beroep met toepassing van art. 81 RO.
3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 8 april 2011.