ECLI:NL:HR:2011:BP4654 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedGeding in cassatie Het beroep is ingesteld door de Advocaat-Generaal bij het Hof. Middelen van cassatie zijn door deze niet voorgesteld. De Advocaat-Generaal Silvis heeft geconcludeerd dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het beroep. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep Nu de Advocaat-Generaal bij het Hof niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft ingediend, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, eerste lid, Sv, zodat de Advocaat-Generaal bij het Hof in het beroep niet kan worden ontvangen.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2011:BP4654 · Hoge Raad: Middelen van cassatie zijn door deze niet voorgesteld. De Advocaat-Generaal Silvis heeft geconcludeerd dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het beroep. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep Nu de Advocaat-Generaal bij het Hof niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft ingediend, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, eerste lid, Sv, zodat de Advocaat-Generaal bij het Hof in het beroep niet kan worden ontvangen.
Full text
5 april 2011 Strafkamer nr. 10/01639 Hoge Raad der Nederlanden Arrest op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te Amsterdam van 23 december 2009, nummer 23/000884-08, in de strafzaak tegen: [Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1954, wonende te [woonplaats].
1. Geding in cassatie Het beroep is ingesteld door de Advocaat-Generaal bij het Hof. Middelen van cassatie zijn door deze niet voorgesteld. De Advocaat-Generaal Silvis heeft geconcludeerd dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het beroep.
2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep Nu de Advocaat-Generaal bij het Hof niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad een schriftuur houdende middelen van cassatie heeft ingediend, is niet in acht genomen het voorschrift van art. 437, eerste lid, Sv, zodat de Advocaat-Generaal bij het Hof in het beroep niet kan worden ontvangen.
3. Beslissing De Hoge Raad verklaart de Advocaat-Generaal bij het Hof niet-ontvankelijk in het beroep. Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren W.M.E. Thomassen en M.A. Loth, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 5 april 2011.