Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2010:BO8542 ECLI:NL:HR:2010:BO8542 AI generated

ECLI:NL:HR:2010:BO8542 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2010:BO8542
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 39424/HA ZA 99-380 van de rechtbank Alkmaar van 5 september 2002 en 7 mei 2003; b. de arresten in de zaken 2026/03, 106.001.175 en 106.001.143 van het gerechtshof te Amsterdam van 22 april 2004 en 18 november 2008. De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2010:BO8542 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

24 december 2010 Eerste Kamer 09/04673 RM/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: de rechtspersoon naar het recht van het land van vestiging MALT-IN-TRADE LTD., gevestigd te Valetta, Malta, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n DE ONTVANGER VAN DE BELASTINGDIENST HOLLAND-NOORD, kantoorhoudende te Hoorn, VERWEERDER in cassatie, advocaat: mr. J.W.H. van Wijk. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Malt-in-Trade en de Ontvanger.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. de vonnissen in de zaak 39424/HA ZA 99-380 van de rechtbank Alkmaar van 5 september 2002 en 7 mei 2003; b. de arresten in de zaken 2026/03, 106.001.175 en 106.001.143 van het gerechtshof te Amsterdam van 22 april 2004 en 18 november 2008. De arresten van het hof zijn aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof van 18 november 2008 heeft Malt-in-Trade beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Ontvanger heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor de Ontvanger mede door mr. C.M. Bergman, advocaat bij de Hoge Raad. De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Malt-in-Trade in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Ontvanger begroot op € 384,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, W.D.H. Asser en C.E. Drion, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 24 december 2010.