Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2010:BN6239 ECLI:NL:HR:2010:BN6239 AI generated

ECLI:NL:HR:2010:BN6239 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2010:BN6239
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak met het rolnummer 692185 van de kantonrechter te Rotterdam van 19 mei 2006; b. het arrest in de zaak 105.005.349/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 28 oktober 2008. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2010:BN6239 · Hoge Raad: 22 oktober 2010 Eerste Kamer 09/01261 DV/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n STICHTING DELTA PSYCHIATRISCH CENTRUM, gevestigd te Poortugal, gemeente Albrandswaard, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Delta.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

22 oktober 2010 Eerste Kamer 09/01261 DV/MD Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. P. Garretsen, t e g e n STICHTING DELTA PSYCHIATRISCH CENTRUM, gevestigd te Poortugal, gemeente Albrandswaard, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Delta.

1. Het geding in feitelijke instanties Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: a. het vonnis in de zaak met het rolnummer 692185 van de kantonrechter te Rotterdam van 19 mei 2006; b. het arrest in de zaak 105.005.349/01 van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 28 oktober 2008. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Tegen Delta is verstek verleend. De zaak is voor [eiser] toegelicht door zijn advocaat. De conclusie van de Advocaat-Generaal J.L.R.A. Huydecoper strekt tot vernietiging van het bestreden arrest met verdere beslissingen als gebruikelijk.

3. Beoordeling van de middelen 3.1 Het gaat in deze zaak om de vraag welke vergoeding aan [eiser] toekomt wegens het hem gegeven ontslag, dat naar het oordeel van het hof, alle omstandigheden in aanmerking genomen, kennelijk onredelijk is. 3.2 Zoals de Hoge Raad heeft overwogen in zijn arrest van 27 november 2009, nr. 09/00978, LJN BJ6596, geeft het oordeel van het hof blijk van een onjuiste rechtsopvatting waar het bij de vaststelling van de hoogte van de aan de werknemer toe te kennen schadevergoeding is uitgegaan van de zogeheten kantonrechtersformule minus 30%. De daarop gerichte klachten van de middelen slagen. 3.3 De overige klachten van de middelen behoeven geen behandeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: vernietigt het arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage van 28 oktober 2008; verwijst het geding ter verdere behandeling en beslissing naar het gerechtshof te Amsterdam; veroordeelt Delta in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [eiser] begroot op € 1.773,43 aan verschotten en € 2.600,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president D.H. Beukenhorst als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, A. Hammerstein en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 22 oktober 2010.