Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2010:BL0637 ECLI:NL:HR:2010:BL0637 AI generated

ECLI:NL:HR:2010:BL0637 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2010:BL0637
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Geding in cassatie Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft mr. N. Hendriksen, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd dat de klager niet-ontvankelijk zal worden verklaard in zijn cassatieberoep.

Legislator headnote

AI generated

art. 552a van het Wetboek van Strafvordering; ECLI:NL:HR:2010:BL0637 · Hoge Raad: 16 maart 2010 Strafkamer nr. 09/00661 B Hoge Raad der Nederlanden Beschikking op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank te Amsterdam, van 11 december 2008, nummers RK 08/4269 en RK 08/4270, op klaagschriften als bedoeld in art. 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door: [Klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1951, ten tijde van de betekening van de aanzegging uit anderen hoofde gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Flevoland, locatie Almere-Binnen" te Almere.

Keywords

AI generated
art. 552a van het Wetboek van Strafvordering

Cited Legislation

AI generated
art. 552a van het Wetboek van Strafvordering

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

16 maart 2010 Strafkamer nr. 09/00661 B Hoge Raad der Nederlanden Beschikking op het beroep in cassatie tegen een beschikking van de Rechtbank te Amsterdam, van 11 december 2008, nummers RK 08/4269 en RK 08/4270, op klaagschriften als bedoeld in art. 552a van het Wetboek van Strafvordering, ingediend door: [Klager], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1951, ten tijde van de betekening van de aanzegging uit anderen hoofde gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting "Flevoland, locatie Almere-Binnen" te Almere.

1. Geding in cassatie Het beroep is ingesteld door de klager. Namens deze heeft mr. N. Hendriksen, advocaat te Amsterdam, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De Advocaat-Generaal Knigge heeft geconcludeerd dat de klager niet-ontvankelijk zal worden verklaard in zijn cassatieberoep.

2. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep 2.1. Het cassatieberoep is gericht tegen een beschikking van de Rechtbank van 11 december 2008 waarbij klaagschriften van de klager strekkende tot teruggave van onder de klager inbeslaggenomen voorwerpen ongegrond zijn verklaard. 2.2. Bij de stukken van het geding bevindt zich een verkort vonnis van 21 januari 2009 van de Rechtbank te Amsterdam in de strafzaak tegen de klager. Dit vonnis houdt, voor zover hier van belang, beslissingen in ten aanzien van onder de klager inbeslaggenomen voorwerpen, strekkende tot onttrekking aan het verkeer en teruggave aan hem. 2.3.

Deze beslissingen omtrent het beslag in de strafzaak betekenen dat de klager, die teruggave heeft verzocht van de voorwerpen ten aanzien waarvan in voormeld vonnis is beslist, geen belang meer heeft bij het beroep tegen de beschikking van de Rechtbank van 11 december 2008, waarin zijn beklag ongegrond is verklaard. In de bestreden beschikking is immers naar zijn aard een beslissing gegeven in afwachting van het oordeel van de strafrechter dienaangaande. Door die beslissing omtrent het beslag in de strafzaak tegen de klager kan op de bestaande klaagschriften geen (andersluidende) beslissing meer volgen.

De klager dient daarom in zijn beroep niet-ontvankelijk te worden verklaard.

3. Beslissing De Hoge Raad verklaart de klager niet-ontvankelijk in het beroep. Deze beschikking is gegeven door de raadsheer H.A.G. Splinter-van Kan als voorzitter, en de raadsheren J. de Hullu en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, in raadkamer en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 maart 2010.