Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2008:BD6028 ECLI:NL:HR:2008:BD6028 AI generated

ECLI:NL:HR:2008:BD6028 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2008:BD6028
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Brampton heeft bij exploot van 17 augustus 2001 Allianz (Royal Nederland Schadeverzekeringen N.V. is rechtsvoorgangster van Allianz) gedagvaard voor de rechtbank te Amsterdam en gevorderd, kort gezegd, Allianz te veroordelen om aan Brampton uit hoofde van de in de dagvaarding omschreven verzekeringsovereenkomst te betalen een bedrag van US$ 1.100.923,--, althans de tegenwaarde daarvan in Nederlandse courant dan wel Euro's, met rente en kosten. Allianz heeft de vordering bestreden. De rechtbank heeft bij vonnis van 18 december 2002 het gevorderde afgewezen. Tegen dit vonnis heeft Brampton hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. Bij arrest van 14 december 2006 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2008:BD6028 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

12 september 2008 Eerste Kamer Nr. C07/100HR EV/EE Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: BRAMPTON LIMITED, gevestigd te Anguilla, British West Indies, EISERES tot cassatie, advocaat: mr. M. Ynzonides, t e g e n ALLIANZ NEDERLAND SCHADEVERZEKERING N.V., gevestigd te Rotterdam, VERWEERSTER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Brampton en Allianz.

1. Het geding in feitelijke instanties Brampton heeft bij exploot van 17 augustus 2001 Allianz (Royal Nederland Schadeverzekeringen N.V. is rechtsvoorgangster van Allianz) gedagvaard voor de rechtbank te Amsterdam en gevorderd, kort gezegd, Allianz te veroordelen om aan Brampton uit hoofde van de in de dagvaarding omschreven verzekeringsovereenkomst te betalen een bedrag van US$ 1.100.923,--, althans de tegenwaarde daarvan in Nederlandse courant dan wel Euro's, met rente en kosten. Allianz heeft de vordering bestreden. De rechtbank heeft bij vonnis van 18 december 2002 het gevorderde afgewezen. Tegen dit vonnis heeft Brampton hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. Bij arrest van 14 december 2006 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft Brampton beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Tegen Allianz is verstek verleend. De zaak is voor Brampton toegelicht door haar advocaat en mr. G.R. den Dekker, advocaat bij de Hoge Raad. De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt Brampton in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Allianz begroot op nihil. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, A.M.J. van Buchem-Spapens, F.B. Bakels en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 12 september 2008.