Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2008:BC6545 ECLI:NL:HR:2008:BC6545 AI generated

ECLI:NL:HR:2008:BC6545 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2008:BC6545
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

18 april 2008 Eerste Kamer Nr. 08/00439HR IV/IS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [Verzoekster], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n de OFFICIER VAN JUSTITIE in het arrondissement Haarlem, VERWEERDER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de betrokkene en officier van justitie 1. Het geding in feitelijke instanties Met een op 22 november 2007 ter griffie van de rechtbank Haarlem ingediend verzoekschrift heeft de officier van justitie zich gewend tot die rechtbank en verzocht het verlenen van een machtiging tot voortgezet verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis. Betrokkene heeft het verzoek bestreden. Bij beschikking van 13 december 2007 heeft de rechtbank de machtiging voor de duur van een jaar verleend.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2008:BC6545 · Hoge Raad: Het geding in cassatie Tegen de beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht. De officier van justitie is niet verschenen. De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot verwijzing van de zaak naar de rechtbank Haarlem.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

18 april 2008 Eerste Kamer Nr. 08/00439HR IV/IS Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: [Verzoekster], wonende te [woonplaats], VERZOEKSTER tot cassatie, advocaat: mr. E. Grabandt, t e g e n de OFFICIER VAN JUSTITIE in het arrondissement Haarlem, VERWEERDER in cassatie, niet verschenen. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de betrokkene en officier van justitie 1. Het geding in feitelijke instanties Met een op 22 november 2007 ter griffie van de rechtbank Haarlem ingediend verzoekschrift heeft de officier van justitie zich gewend tot die rechtbank en verzocht het verlenen van een machtiging tot voortgezet verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis. Betrokkene heeft het verzoek bestreden. Bij beschikking van 13 december 2007 heeft de rechtbank de machtiging voor de duur van een jaar verleend.

2. Het geding in cassatie Tegen de beschikking van de rechtbank heeft betrokkene beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht. De officier van justitie is niet verschenen. De conclusie van de Advocaat-Generaal F.F. Langemeijer strekt tot vernietiging van de bestreden beschikking en tot verwijzing van de zaak naar de rechtbank Haarlem.

3. Beoordeling van het middel 3.1 De rechtbank heeft een machtiging verleend tot voortgezet verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van een jaar, ingaande op 14 december 2007. 3.2 Onderdeel 1 van het middel betoogt met juistheid dat het verzoek van betrokkene, gedaan tijdens de mondelinge behandeling en luidende "Verzoek afwijzen. En door een onafhankelijk psychiater naar laten kijken", niet anders kan worden verstaan dan als een verzoek tot het verrichten van een nader onderzoek door een deskundige (met andere woorden: een contra-expertise), gedaan voor het geval dat het verzoek van de officier van justitie niet terstond zou worden afgewezen. 3.3 De rechtbank heeft dit verzoek zonder enige motivering gepasseerd.

Hiertegen is het eerste onderdeel gericht. Het onderdeel slaagt. Gelet op de ingrijpende aard van de door de rechter te nemen, tot vrijheidsbeneming leidende beslissing moet worden aangenomen dat een verzoek tot het verrichten van een nader onderzoek door een deskundige slechts gemotiveerd kan worden afgewezen (HR 29 april 2005, nr. R05/007, NJ 2007, 153). 3.4 De overige onderdelen behoeven geen behandeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: vernietigt de beschikking van de rechtbank Haarlem van 13 december 2007; verwijst het geding ter verdere behandeling en beslissing naar die rechtbank. Deze beschikking is gegeven door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 18 april 2008.