ECLI:NL:HR:2007:BB4368 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedDe uitspraak op het verzoek tot herziening Het Hof heeft het verzoek tot herziening afgewezen. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht. Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Minister van Financiën heeft bij verweerschrift geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep. Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2007:BB4368 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel Het middel kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Full text
Nr. 43.503 28 september 2007 Arrest gewezen op het beroep in cassatie van X1 te Z (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof te Leeuwarden van 7 juli 2006, nr. BK 05/00107, betreffende een verzoek tot herziening van de uitspraak van dat hof van 16 augustus 2002, nr. BK 328/01.
1. De uitspraak op het verzoek tot herziening Het Hof heeft het verzoek tot herziening afgewezen. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.
2. Geding in cassatie Belanghebbende heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De Minister van Financiën heeft bij verweerschrift geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het beroep. Belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend.
3. Beoordeling van het middel Het middel kan niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien artikel 81 van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu het middel niet noopt tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.
5. Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep ongegrond. Dit arrest is gewezen door de vice-president D.G. van Vliet als voorzitter, en de raadsheren P. Lourens en E.N. Punt, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier E. Cichowski, en in het openbaar uitgesproken op 28 september 2007.