Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2007:BA6762 ECLI:NL:HR:2007:BA6762 AI generated

ECLI:NL:HR:2007:BA6762 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2007:BA6762
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties [Eiser] heeft bij exploot van 14 juni 2004 Corio gedagvaard voor de rechtbank, sector kanton, Utrecht en gevorderd, kort gezegd, te verklaren voor recht dat de op 11 juli 2003 aan [eiser] gedane opzegging van de arbeidsovereenkomst nietig is, Corio te veroordelen vanaf deze datum aan [eiser] het salaris met vakantietoeslag en de overeengekomen emolumenten te betalen, alsmede de wettelijke verhoging op grond van art. 7:625 BW en tevens Corio te veroordelen [eiser] toe te laten tot het verrichten van de overeengekomen werkzaamheden, op straffe van verbeurte van een dwangsom, met rente en kosten.

Legislator headnote

AI generated

art. 7:625 BW; ECLI:NL:HR:2007:BA6762 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Keywords

AI generated
art. 7:625 BW

Cited Legislation

AI generated
art. 7:625 BW

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

5 oktober 2007 Eerste Kamer Nr. C06/167HR MK/AS Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiser], wonende te [woonplaats], EISER tot cassatie, advocaat: mr. R.T.R.F. Carli, t e g e n CORIO N.V., gevestigd te Utrecht, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. S.F. Sagel. Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] en Corio.

1. Het geding in feitelijke instanties [Eiser] heeft bij exploot van 14 juni 2004 Corio gedagvaard voor de rechtbank, sector kanton, Utrecht en gevorderd, kort gezegd, te verklaren voor recht dat de op 11 juli 2003 aan [eiser] gedane opzegging van de arbeidsovereenkomst nietig is, Corio te veroordelen vanaf deze datum aan [eiser] het salaris met vakantietoeslag en de overeengekomen emolumenten te betalen, alsmede de wettelijke verhoging op grond van art. 7:625 BW en tevens Corio te veroordelen [eiser] toe te laten tot het verrichten van de overeengekomen werkzaamheden, op straffe van verbeurte van een dwangsom, met rente en kosten.

Corio heeft de vordering bestreden. De kantonrechter heeft bij vonnis van 2 februari 2005 de vordering afgewezen. Tegen dit vonnis heeft [eiser] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. Bij arrest van 19 januari 2006 heeft het hof het vonnis van de kantonrechter vernietigd en, opnieuw rechtdoende, voor recht verklaard dat de door Corio op 11 juli 2003 aan [eiser] gedane opzegging nietig is en Corio veroordeeld om aan [eiser] over de periode 11 juli 2003 tot 11 oktober 2003 te betalen het salaris met vakantietoeslag en de overeengekomen emolumenten.

Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiser] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Corio heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, voor Corio mede door mr. M.B. Kerkhof, advocaat bij de Hoge Raad. De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiser] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Corio begroot op € 367,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, A. Hammerstein en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 5 oktober 2007.