Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2007:BA1094 ECLI:NL:HR:2007:BA1094 AI generated

ECLI:NL:HR:2007:BA1094 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2007:BA1094
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - heeft bij exploot van 19 november 2002 verweerster in cassatie - verder te noemen: Fortis - gedagvaard voor de rechtbank te Breda en gevorderd Fortis te veroordelen aan haar te betalen de schade die zij door onkundig handelen van Fortis jegens wijlen [betrokkene 1] heeft geleden en welke schade schade € 201.247,-- bedraagt, te vermeerderen met de wettelijke rente en kosten. Fortis heeft de vordering bestreden. De rechtbank heeft bij vonnis van 26 november 2003 de vordering afgewezen. Tegen dit vonnis heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Bij arrest van 9 augustus 2005 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2007:BA1094 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

6 april 2007 Eerste Kamer Nr. C06/027HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Eiseres], wonende te [woonplaats], EISERES tot cassatie, advocaat: mr. R.T.R.F. Carli, t e g e n FORTIS BANK, gevestigd te Brussel, België, VERWEERSTER in cassatie, advocaat: mr. R.S. Meijer.

1. Het geding in feitelijke instanties Eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - heeft bij exploot van 19 november 2002 verweerster in cassatie - verder te noemen: Fortis - gedagvaard voor de rechtbank te Breda en gevorderd Fortis te veroordelen aan haar te betalen de schade die zij door onkundig handelen van Fortis jegens wijlen [betrokkene 1] heeft geleden en welke schade schade € 201.247,-- bedraagt, te vermeerderen met de wettelijke rente en kosten. Fortis heeft de vordering bestreden. De rechtbank heeft bij vonnis van 26 november 2003 de vordering afgewezen. Tegen dit vonnis heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Bij arrest van 9 augustus 2005 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. Fortis heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep. De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten. De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep. De advocaat van [eiseres] heeft bij brief van 16 februari 2007 op die conclusie gereageeerd. De advocaat van Fortis heeft eveneens bij brief van 16 februari 2007 op die conclusie gereageerd.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad: verwerpt het beroep; veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Fortis begroot op € 5.802,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris. Dit arrest is gewezen door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, P.C. Kop, E.J. Numann en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 6 april 2007.