ECLI:NL:HR:2007:AZ6534 · Hoge Raad
Legislator summary
AI generatedHet geding in feitelijke instanties Bij verzoekschrift van 2 maart 2006 heeft verzoeker tot cassatie - verder te noemen: de schuldenaar - de rechtbank te Almelo verzocht ten aanzien van hem de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken. De rechtbank heeft bij vonnis van 23 mei 2006 het verzoek afgewezen. Tegen dit vonnis heeft de schuldenaar hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem. Bij arrest van 20 juli 2006 heeft het hof het bestreden vonnis bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:HR:2007:AZ6534 · Hoge Raad: Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
Full text
16 februari 2007 Eerste Kamer Rek.nr. R06/097HR RM/AT Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: [Verzoeker], wonende te [woonplaats], VERZOEKER tot cassatie, advocaat: mr. B.D.W. Martens.
1. Het geding in feitelijke instanties Bij verzoekschrift van 2 maart 2006 heeft verzoeker tot cassatie - verder te noemen: de schuldenaar - de rechtbank te Almelo verzocht ten aanzien van hem de toepassing van de schuldsaneringsregeling uit te spreken. De rechtbank heeft bij vonnis van 23 mei 2006 het verzoek afgewezen. Tegen dit vonnis heeft de schuldenaar hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem. Bij arrest van 20 juli 2006 heeft het hof het bestreden vonnis bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.
2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof heeft de schuldenaar beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. De conclusie van de Advocaat-Generaal D.W.F. Verkade strekt tot verwerping van het beroep.
3. Beoordeling van het middel De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.
4. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de raadsheren P.C. Kop, als voorzitter, A. Hammerstein en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 16 februari 2007.