Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2004:AR4046 ECLI:NL:HR:2004:AR4046 AI generated

ECLI:NL:HR:2004:AR4046 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2004:AR4046
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Het geding in feitelijke instanties Op voordracht van de rechter-commissaris heeft de rechtbank te Zwolle, na een mondelinge behandeling ter terechtzitting van 28 november 2003, bij vonnis van 17 december 2003 de toepassing van de schuldsaneringsregeling ten aanzien van beide verzoekers tot cassatie - verder te noemen: verzoekers - beëindigd en verstaan dat zij in staat van faillissement zullen verkeren, zodra dit vonnis in kracht van gewijsde is gegaan. Tegen het vonnis van 17 december 2003 hebben verzoekers hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem. Bij arrest van 29 januari 2004 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2004:AR4046 · Hoge Raad: Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

24 december 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/026HR JMH Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van: 1. [Verzoeker 1], 2. [Verzoekster 2], beiden wonende te [woonplaats], VERZOEKERS tot cassatie, advocaat: mr. R.T.R.F. Carli.

1. Het geding in feitelijke instanties Op voordracht van de rechter-commissaris heeft de rechtbank te Zwolle, na een mondelinge behandeling ter terechtzitting van 28 november 2003, bij vonnis van 17 december 2003 de toepassing van de schuldsaneringsregeling ten aanzien van beide verzoekers tot cassatie - verder te noemen: verzoekers - beëindigd en verstaan dat zij in staat van faillissement zullen verkeren, zodra dit vonnis in kracht van gewijsde is gegaan. Tegen het vonnis van 17 december 2003 hebben verzoekers hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem. Bij arrest van 29 januari 2004 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.

2. Het geding in cassatie Tegen het arrest van het hof hebben verzoekers beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het beroep.

3. Beoordeling van de middelen De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

4. Beslissing De Hoge Raad verwerpt het beroep. Dit arrest is gewezen door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, J.C. van Oven en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president P. Neleman op 24 december 2004.