Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2004:AO4601 ECLI:NL:HR:2004:AO4601 AI generated

ECLI:NL:HR:2004:AO4601 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2004:AO4601
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

ABN AMRO BANK N.V., 2. ING BANK N.V., beide gevestigd te Amsterdam, EISERESSEN tot cassatie, incidenteel verweersters, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n Mr. J.P. ZANDERS en drs. E.G.H. BERGHS, in hun hoedanigheid van curatoren in het faillissement van Koverto Nederland B.V., Koverto International B.V., Koverto Holland B.V. en Koverto Holding B.V., beiden kantoorhoudende te Venlo, VERWEERDERS in cassatie, incidenteel eisers, advocaat: mr. M.J. Schenck.

Legislator headnote

AI generated

art. 6 EVRM; ECLI:NL:HR:2004:AO4601 · Hoge Raad: ABN AMRO BANK N.V., 2. ING BANK N.V., beide gevestigd te Amsterdam, EISERESSEN tot cassatie, incidenteel verweersters, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n Mr. J.P. ZANDERS en drs. E.G.H. BERGHS, in hun hoedanigheid van curatoren in het faillissement van Koverto Nederland B.V., Koverto International B.V., Koverto Holland B.V. en Koverto Holding B.V., beiden kantoorhoudende te Venlo, VERWEERDERS in cassatie, incidenteel eisers, advocaat: mr. M.J. Schenck.

Keywords

AI generated
art. 6 EVRM

Cited Legislation

AI generated
art. 6 EVRM
Een straf in de zin van art. 6 EVRM kan niet gebracht worden ten laste van een ander dan degene aan wie deze straf is opgelegd.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

13 februari 2004 Eerste Kamer Nr. C01/318HR RM Hoge Raad der Nederlanden Arrest in de zaak van:

1. ABN AMRO BANK N.V., 2. ING BANK N.V., beide gevestigd te Amsterdam, EISERESSEN tot cassatie, incidenteel verweersters, advocaat: mr. R.S. Meijer, t e g e n Mr. J.P. ZANDERS en drs. E.G.H. BERGHS, in hun hoedanigheid van curatoren in het faillissement van Koverto Nederland B.V., Koverto International B.V., Koverto Holland B.V. en Koverto Holding B.V., beiden kantoorhoudende te Venlo, VERWEERDERS in cassatie, incidenteel eisers, advocaat: mr. M.J. Schenck.

1. Het arrest in dit geding De Hoge Raad heeft in deze zaak op 28 november 2003 een arrest uitgesproken. De in dat arrest onder 5.2.9 vermelde tekst wijkt af van de tekst zoals deze in raadkamer is vastgesteld. Deze fout leent zich voor eenvoudig herstel. De onder 5.2.9 vermelde tekst wordt vervangen door: De rechtsklacht faalt. Een straf in de zin van art. 6 EVRM kan niet gebracht worden ten laste van een ander dan degene aan wie deze straf is opgelegd. Indien het pandrecht van de banken hier zou moeten wijken voor het bodemvoorrecht zou dat, materieel gezien, leiden tot een uitkomst, die zozeer overeenstemt met het brengen van een straf ten laste van een ander dan degene aan wie zij is opgelegd, dat die uitkomst daarmee op een lijn gesteld moet worden. Bij brief van 12 januari 2004 heeft de Hoge Raad partijen in de gelegenheid gesteld zich over deze verbetering uit te laten. De advocaat van de banken heeft van die gelegenheid gebruik gemaakt.

2. Beslissing De Hoge Raad: verbetert bovenvermelde fout in het op 28 november 2003 in deze zaak uitgesproken arrest; stelt de verbetering op de minuut van dat arrest. Dit arrest is gewezen door de vice-president R. Herrmann als voorzitter en de raadsheren J.B. Fleers, D.H. Beukenhorst, P.C. Kop en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A. Hammerstein op 13 februari 2004.