Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:HR:2003:AF5115 ECLI:NL:HR:2003:AF5115 AI generated

ECLI:NL:HR:2003:AF5115 · Hoge Raad

Case Number ECLI:NL:HR:2003:AF5115
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Tegen een mededeling dat een verzoek om vervanging van een mondelinge uitspraak door een schriftelijke ingevolge het bepaalde in artikel 27d, lid 4, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen wordt geacht te zijn ingetrokken, stelt de wet beroep in cassatie niet open. Aangezien het onderhavige cassatieberoep zich tegen zulk een mededeling richt, is dat beroep niet-ontvankelijk. Daaraan doet niet af dat de mededeling is gedaan in de vorm van een uitspraak en dat onder die uitspraak is vermeld dat daartegen beroep in cassatie kan worden ingesteld.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:HR:2003:AF5115 · Hoge Raad: Aangezien het onderhavige cassatieberoep zich tegen zulk een mededeling richt, is dat beroep niet-ontvankelijk. Daaraan doet niet af dat de mededeling is gedaan in de vorm van een uitspraak en dat onder die uitspraak is vermeld dat daartegen beroep in cassatie kan worden ingesteld.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Nr. 38.243 28 februari 2003 WM gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de als uitspraak aangeduide schriftelijke mededeling van het Gerechtshof te Amsterdam van 12 maart 2002 dat het verzoek van belanghebbende om vervanging van de mondelinge uitspraak van 23 maart 2001, nr. 99/03785, door een schriftelijke wordt geacht te zijn ingetrokken.

1. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Tegen een mededeling dat een verzoek om vervanging van een mondelinge uitspraak door een schriftelijke ingevolge het bepaalde in artikel 27d, lid 4, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen wordt geacht te zijn ingetrokken, stelt de wet beroep in cassatie niet open. Aangezien het onderhavige cassatieberoep zich tegen zulk een mededeling richt, is dat beroep niet-ontvankelijk. Daaraan doet niet af dat de mededeling is gedaan in de vorm van een uitspraak en dat onder die uitspraak is vermeld dat daartegen beroep in cassatie kan worden ingesteld.

2. Proceskosten De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

3. Beslissing De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Dit arrest is gewezen door de vice-president E. Korthals Altes als voorzitter, en de raadsheren P.J. van Amersfoort en A.R. Leemreis, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 28 februari 2003. Het door belanghebbende als griffierecht voor het onderhavige cassatieberoep betaalde bedrag van € 82 wordt door de Griffier van de Hoge Raad aan belanghebbende teruggegeven.