Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:GHSGR:2012:5725 ECLI:NL:GHSGR:2012:5725 AI generated

ECLI:NL:GHSGR:2012:5725 · Gerechtshof 's-Gravenhage

Case Number ECLI:NL:GHSGR:2012:5725
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

V.O.F. ENIGMA, 2. [appellant] , 3. [appellante] , gevestigd, respectievelijk wonende te [woonplaats] , appellanten, hierna te noemen: Enigma c.s., procesadvocaat: mr. E.S. Ebels (’s-Gravenhage), behandelend advocaat: mr. H. Boonk, tegen SAAR COAL INTERNATIONAL GMBH, gevestigd te Saarbrücken, Duitsland, geïntimeerde, hierna te noemen: Saar Coal, procesadvocaat: mr. W.P. den Hertog (’s-Gravenhage), behandelend advocaat: mr. S.T. Dreesmann. Het verdere verloop van het geding Bij arrest van 14 februari 2012 is Enigma c.s. toegelaten tot bewijsvoering.

Legislator headnote

AI generated

art. 8:880 BW, art. 8:901 BW, art. 8:898 BW; ECLI:NL:GHSGR:2012:5725 · Gerechtshof 's-Gravenhage: Van die mogelijkheid heeft zij geen gebruik gemaakt, waarop de zaak weer naar de rol is verwezen. Na wat aanhoudingen voor het indienen van memories na ‘niet-gehouden- enquête’, waar uiteindelijk van is afgezien, hebben partijen wederom arrest gevraagd. De verdere beoordeling van het hoger beroep Enigma c.s. mocht bewijzen dat de door haar ingeroepen bepalingen uit de tussen Saar Coal en Rhenania toepasselijke algemene voorwaarden - de Verlade- und Transportbedingungen - gelding hadden in die relatie. Meer speciaal ging het om art. 16 lid 3 sub d (exoneratie voor nautische fouten) en art. 20 lid 3 (uitsluiting van het terughoudingsrecht bij averij grosse).

Keywords

AI generated
art. 8:880 BW art. 8:901 BW art. 8:898 BW

Cited Legislation

AI generated
art. 8:880 BW
op andere, niet reeds besproken mogelijke gronden, dan door een beroep (via art. 8:880 BW jo art.
art. 8:901 BW
op art. 8:901 BW is in het eerste tussenarrest al ingegaan, terwijl wat haar beroep op art.
art. 8:898 BW
8:901 BW is in het eerste tussenarrest al ingegaan, terwijl wat haar beroep op art. 8:898 BW betreft geldt dat dit alleen is gedaan voor het zich hier niet voordoende geval dat geen sprake is van een nautische fout.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE Sector civiel recht Uitspraakdatum : 4 december 2012 Zaaknummer : 105.006.879/01 Rolnummer rechtbank : 253164/HA ZA 06/46 Arrest in de zaak van:

1. V.O.F. ENIGMA, 2. [appellant] , 3. [appellante] , gevestigd, respectievelijk wonende te [woonplaats] , appellanten, hierna te noemen: Enigma c.s., procesadvocaat: mr. E.S. Ebels (’s-Gravenhage), behandelend advocaat: mr. H. Boonk, tegen SAAR COAL INTERNATIONAL GMBH, gevestigd te Saarbrücken, Duitsland, geïntimeerde, hierna te noemen: Saar Coal, procesadvocaat: mr. W.P. den Hertog (’s-Gravenhage), behandelend advocaat: mr. S.T. Dreesmann. Het verdere verloop van het geding Bij arrest van 14 februari 2012 is Enigma c.s. toegelaten tot bewijsvoering.

Van die mogelijkheid heeft zij geen gebruik gemaakt, waarop de zaak weer naar de rol is verwezen. Na wat aanhoudingen voor het indienen van memories na ‘niet-gehouden- enquête’, waar uiteindelijk van is afgezien, hebben partijen wederom arrest gevraagd. De verdere beoordeling van het hoger beroep Enigma c.s. mocht bewijzen dat de door haar ingeroepen bepalingen uit de tussen Saar Coal en Rhenania toepasselijke algemene voorwaarden - de Verlade- und Transportbedingungen - gelding hadden in die relatie. Meer speciaal ging het om art. 16 lid 3 sub d (exoneratie voor nautische fouten) en art. 20 lid 3 (uitsluiting van het terughoudingsrecht bij averij grosse).

Volgens het in de relatie tussen Saar Coal en Rhenania toepasselijke Duitse recht hebben die (aansprakelijkheidsbeperkende) bepalingen alleen gelding indien daarover specifiek / tevoren overeenstemming is bereikt tussen de contractspartijen, waar Enigma c.s. overigens niet toe behoorde. Omdat Saar Coal die overeenstemming gemotiveerd heeft ontkend, was het aan Enigma c.s. om hiervan bewijs bij te brengen. Van de haar daartoe geboden mogelijkheid heeft Enigma c.s. echter geen gebruik gemaakt. Dit betekent dat Enigma c.s. zich niet op bedoelde bepalingen kan beroepen.

Nu gesteld noch gebleken is dat Enigma c.s. op andere, niet reeds besproken mogelijke gronden, dan door een beroep (via art. 8:880 BW jo art. 8: 363 / 364 BW) op het contract tussen Saar Coal en Rhenania, een uitsluiting of beperking van aansprakelijkheid kan tegenwerpen aan Saar Coal, is de consequentie dat Enigma c.s. in de verhouding tot Saar Coal aansprakelijk is voor de door de navigatiefout ontstane schade. Op het beroep van Enigma c.s. op art. 8:901 BW is in het eerste tussenarrest al ingegaan, terwijl wat haar beroep op art. 8:898 BW betreft geldt dat dit alleen is gedaan voor het zich hier niet voordoende geval dat geen sprake is van een nautische fout.

Het op ‘schuld aan de aanvaring’ gebaseerde verweer van Saar Coal tegen de vordering van Enigma c.s. tot bijdrage in de averij-grosse slaagt derhalve. De slotsom is dan dat het bestreden vonnis (met aanvulling van gronden) moet worden bekrachtigd. Enigma c.s. wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van het hoger beroep veroordeeld. De beslissing Het hof, bekrachtigt het vonnis waarvan beroep; veroordeelt Enigma c.s. in de kosten van het hoger beroep, aan de zijde van Saar Coal tot aan deze uitspraak bepaald op € 1.635,- aan verschotten en € 3.262,- aan salaris voor de advocaat.

Aldus gewezen door mrs. J.M. van der Klooster, J.H.W. de Planque en A.A. Rijperman en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 4 december 2012 in aanwezigheid van de griffier.