Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:GHSGR:2007:BB5704 ECLI:NL:GHSGR:2007:BB5704 AI generated

ECLI:NL:GHSGR:2007:BB5704 · Gerechtshof 's-Gravenhage

Case Number ECLI:NL:GHSGR:2007:BB5704
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Rolnummer 22-000344-06 Datum uitspraak 6 september 2007 GERECHTSHOF TE ‘S-GRAVENHAGE meervoudige kamer voor strafzaken ARREST gewezen op het bezwaarschrift op grond van artikel 22g, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht tegen de kennisgeving van het bevel van het openbaar ministerie tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis, ingediend door de veroordeelde, genaamd: [veroordeelde], geboren op [geboortedag] 1985 te [geboorteplaats], [adres]. Procesgang De veroordeelde is bij onherroepelijk arrest van dit gerechtshof van 8 november 2006 met bovengemeld rolnummer – voor zover hier van belang - veroordeeld tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 20 uren, te vervangen door hechtenis voor de tijd van 10 dagen voor het geval die taakstraf niet naar behoren wordt verricht.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:GHSGR:2007:BB5704 · Gerechtshof 's-Gravenhage: De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de veroordeelde in het bezwaarschrift. Ontvankelijkheid van het bezwaarschrift Ingevolge het bepaalde in artikel 22g, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht kan de veroordeelde tegen de kennisgeving van het openbaar ministerie van het bevel tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis binnen veertien dagen na de betekening daarvan een bezwaarschrift indienen bij de rechter die de straf heeft opgelegd. Bedoelde kennisgeving is op 18 april 2007 aan de veroordeelde in persoon betekend.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

Rolnummer 22-000344-06 Datum uitspraak 6 september 2007 GERECHTSHOF TE ‘S-GRAVENHAGE meervoudige kamer voor strafzaken ARREST gewezen op het bezwaarschrift op grond van artikel 22g, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht tegen de kennisgeving van het bevel van het openbaar ministerie tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis, ingediend door de veroordeelde, genaamd: [veroordeelde], geboren op [geboortedag] 1985 te [geboorteplaats], [adres]. Procesgang De veroordeelde is bij onherroepelijk arrest van dit gerechtshof van 8 november 2006 met bovengemeld rolnummer – voor zover hier van belang - veroordeeld tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 20 uren, te vervangen door hechtenis voor de tijd van 10 dagen voor het geval die taakstraf niet naar behoren wordt verricht.

De advocaat-generaal heeft op 3 mei 2007 de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis voor de duur van 10 dagen bevolen. Het openbaar ministerie heeft de veroordeelde hiervan kennis gegeven. De kennisgeving is op 18 april 2007 aan de veroordeelde in persoon betekend. De veroordeelde heeft een bezwaarschrift ingediend tegen deze kennisgeving. Dit bezwaarschrift is op 24 mei 2007 ter griffie ontvangen. Het hof heeft dit bezwaarschrift behandeld op de openbare terechtzitting van 6 september 2007. Daar is gehoord de advocaat-generaal mr. M. van der Horst.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot niet-ontvankelijkverklaring van de veroordeelde in het bezwaarschrift. Ontvankelijkheid van het bezwaarschrift Ingevolge het bepaalde in artikel 22g, derde lid, van het Wetboek van Strafrecht kan de veroordeelde tegen de kennisgeving van het openbaar ministerie van het bevel tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis binnen veertien dagen na de betekening daarvan een bezwaarschrift indienen bij de rechter die de straf heeft opgelegd. Bedoelde kennisgeving is op 18 april 2007 aan de veroordeelde in persoon betekend.

De veroordeelde had derhalve binnen veertien dagen na deze datum een bezwaarschrift in moeten dienen. De veroordeelde heeft is eerst op 24 mei 2007 een bezwaarschrift ingediend, zodat hij daarin niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. Beslissing Hef hof: Verklaart de veroordeelde niet-ontvankelijk in het bezwaarschrift. Dit arrest is gewezen door mr. L.F. Gerretsen-Visser, mr. W.P.C.M. Bruinsma en mr. A.G. Korvinus, in bijzijn van de griffier mr. C. Hol. Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 6 september 2007.